Van Johan tot Johannes - Vermeer en Cruijff in een theatervoorstelling
Teun KooselsMensen anders laten kijken naar kunst en sport en hen daardoor meer laten zien, dat is de missie van Pieter Roelofs en Marcel Rözer. Roelofs is hoofd beeldende kunst bij het Rijksmuseum, Rözer is sportschrijver en filmmaker. In hun theaterspecial The Match – Het spel tussen kunst en sport nemen ze het publiek mee in de lengte van een voetbalwedstrijd (2 x 45 minuten) en tonen ze via foto’s, korte filmpjes en dialogen hoe ‘die andere kijk’ hun plezier en aandacht vergrootte. Zo wordt in de voorstelling ingezoomd op een van de meest schilderachtige bergetappes uit de Giro d’Italia, blijkt De Nachtwacht van Rembrandt een inspiratiebron voor hedendaagse elftalfoto’s, wordt duidelijk dat de schilderkunst van Vermeer kan worden verbonden aan een iconische foto van Mohammed Ali en gaat het over de overeenkomst tussen boze tennisprofs en de wereldberoemde, Italiaanse kunstenaar Michelangelo.
Roelofs en Rözer zijn weliswaar gepassioneerde kunst- en sportliefhebbers, maar zij groeiden, zoals zij zelf zeggen, niet op in een omgeving waarin kunst vanzelfsprekend was. ‘Een bredere blik op kunst en een andere kijk op sport is ons niet met de paplepel ingegoten’, zegt Rözer, die onlangs een film maakte over de voetballer Theo Janssen en de handbalster Estavana Polman, waarin niet de sporters maar hun stad Arnhem de hoofdrol speelde. Roelofs, bekend van tv-programma’s als Project Rembrandt, De Nieuwe Vermeer en De Gezonken Meesters, hield zijn eerste spreekbeurt over Rembrandt toen hij tien jaar oud was. De liefde voor onze nationale schilderheld liet hem nooit meer los. ‘Rembrandt is een van de meest experimentele en innovatieve kunstenaars uit de geschiedenis’, legt hij uit, ‘hij blijft je verwonderen’.
Roelofs tekende met programmamaker Sinan Can voor de succesvolle, onlangs door BNNVARA uitgezonden documentaireserie Onbekend en wereldberoemd over de vijftiende-eeuwse gebroeders Van Lymborch. ‘Die drie kunstenaars, die faam maakten aan het Franse hof, komen uit Nijmegen en stonden aan de wieg van het Nederlandse realisme in de schilderkunst. Toch zijn ze bij het grote publiek minder bekend dan meesters als Frans Hals of Vincent van Gogh.’ Lachend: ‘Het is een beetje zoals met Abe Lenstra en Johan Cruijff. De eerste was ook geweldig, maar pas in de tijd van Johan kon een voetballer uitgroeien tot een fenomeen.’
Wat doen ze nu eigenlijk, in die twee keer drie kwartier? Roelofs: ‘Vrienden noemen me wel eens een kunstprediker. Dat is natuurlijk een grap, maar ik heb wel een serieuze missie. Dat is namelijk mensen te helpen om te kijken naar kunst. Ik ben van mening dat iedereen toegang tot kunst zou moeten hebben, ook al ben je er niet mee opgegroeid of denk je dat kunst niet voor jou is.’ Rözer: ‘Na optredens met The Match krijgen we vrijwel altijd terug dat Pieter zo mooi kan vertellen over schilders, schilderijen en over kunst in het algemeen. En vaak zeggen mensen inderdaad dat ze ánders zijn gaan kijken.’
Rözer is meer de speelse van het duo, dat Nijmegen als uitvalsbasis heeft. ‘Ik vind ook echt dat speelsheid de wereld mooier kan maken’, roept hij vol overtuiging. Roelofs: ‘Marcel is ontwapenend en kan een zaal in beweging krijgen. Hij heeft een spel met een bal bedacht dat echt iets doet met de mensen. Het is zonder uitzondering zo dat er dan iets gebeurt met een zaal. Het is simpel en het geeft plezier.’
Roelofs en Rözer wonen dicht bij elkaar en het komt regelmatig voor dat ze bij elkaar binnenlopen om de laatste sportbeelden te bespreken. Rözer: ‘Of dat ik Pieter een foto van Ronaldo toon en hij er een schilderij van Rembrandt in ziet. In de voorstelling zit een veelzeggend fragment uit Project Rembrandt, waarin Louis van Gaal te gast is. Het is een hilarisch stukje, maar ook eentje waardoor mensen nooit meer normaal naar een wit overhemd kunnen kijken.’
Rözer: ‘Ik maakte een mini-opera over het leven van Diego Maradona. Daar zitten beelden in die iedereen wel kent, maar ook totaal onbekende fragmenten. Daarin zie je hoe die man genoot én leed onder al die aandacht. Maar’, onderbreekt hij zichzelf, ‘denk nou niet dat het alleen maar over voetbal gaat. Wielrennen, ijsdansen, boksen, schaatsen. Het zit er allemaal in.’
Zo komt Roelofs in de voorstelling met een ontroerend verhaal over de eerste schaatswedstrijd voor vrouwen uit het begin van de negentiende eeuw. ‘In dat schilderij komt alles samen. Het is wonderlijk en hoewel het lang geleden is, kun je toch ook weer een link leggen naar het vrouwenschaatsen in 2026.’
Rözer constateert dat ‘speelsheid’ in de huidige sportwereld onder druk staat. ‘Alles is bedacht, geanalyseerd en tegenwoordig spelen data ook een enorme rol. Nou, onze show is elke keer anders. Ik probeer de zaak een beetje overhoop te gooien. Zo is er een interactief deel waar mensen hun mooiste sport- of kunstfoto kunnen inzenden. Pieter en ik gaan naar aanleiding daarvan in gesprek met de zaal. Heerlijk vind ik dat, want je weet niet wat er gaat gebeuren. Net zoals je in elke sportwedstrijd niet zou moeten weten wie er gaat winnen.’
The Match – Het spel tussen kunst en sport van Marcel Rözer en Pieter Roelofs is tot en met 11 april in diverse theaters te zien. De speellijst vind je hier.
Roelofs en Rözer zijn weliswaar gepassioneerde kunst- en sportliefhebbers, maar zij groeiden, zoals zij zelf zeggen, niet op in een omgeving waarin kunst vanzelfsprekend was. ‘Een bredere blik op kunst en een andere kijk op sport is ons niet met de paplepel ingegoten’, zegt Rözer, die onlangs een film maakte over de voetballer Theo Janssen en de handbalster Estavana Polman, waarin niet de sporters maar hun stad Arnhem de hoofdrol speelde. Roelofs, bekend van tv-programma’s als Project Rembrandt, De Nieuwe Vermeer en De Gezonken Meesters, hield zijn eerste spreekbeurt over Rembrandt toen hij tien jaar oud was. De liefde voor onze nationale schilderheld liet hem nooit meer los. ‘Rembrandt is een van de meest experimentele en innovatieve kunstenaars uit de geschiedenis’, legt hij uit, ‘hij blijft je verwonderen’.
Roelofs tekende met programmamaker Sinan Can voor de succesvolle, onlangs door BNNVARA uitgezonden documentaireserie Onbekend en wereldberoemd over de vijftiende-eeuwse gebroeders Van Lymborch. ‘Die drie kunstenaars, die faam maakten aan het Franse hof, komen uit Nijmegen en stonden aan de wieg van het Nederlandse realisme in de schilderkunst. Toch zijn ze bij het grote publiek minder bekend dan meesters als Frans Hals of Vincent van Gogh.’ Lachend: ‘Het is een beetje zoals met Abe Lenstra en Johan Cruijff. De eerste was ook geweldig, maar pas in de tijd van Johan kon een voetballer uitgroeien tot een fenomeen.’
Wat doen ze nu eigenlijk, in die twee keer drie kwartier? Roelofs: ‘Vrienden noemen me wel eens een kunstprediker. Dat is natuurlijk een grap, maar ik heb wel een serieuze missie. Dat is namelijk mensen te helpen om te kijken naar kunst. Ik ben van mening dat iedereen toegang tot kunst zou moeten hebben, ook al ben je er niet mee opgegroeid of denk je dat kunst niet voor jou is.’ Rözer: ‘Na optredens met The Match krijgen we vrijwel altijd terug dat Pieter zo mooi kan vertellen over schilders, schilderijen en over kunst in het algemeen. En vaak zeggen mensen inderdaad dat ze ánders zijn gaan kijken.’
Rözer is meer de speelse van het duo, dat Nijmegen als uitvalsbasis heeft. ‘Ik vind ook echt dat speelsheid de wereld mooier kan maken’, roept hij vol overtuiging. Roelofs: ‘Marcel is ontwapenend en kan een zaal in beweging krijgen. Hij heeft een spel met een bal bedacht dat echt iets doet met de mensen. Het is zonder uitzondering zo dat er dan iets gebeurt met een zaal. Het is simpel en het geeft plezier.’
Roelofs en Rözer wonen dicht bij elkaar en het komt regelmatig voor dat ze bij elkaar binnenlopen om de laatste sportbeelden te bespreken. Rözer: ‘Of dat ik Pieter een foto van Ronaldo toon en hij er een schilderij van Rembrandt in ziet. In de voorstelling zit een veelzeggend fragment uit Project Rembrandt, waarin Louis van Gaal te gast is. Het is een hilarisch stukje, maar ook eentje waardoor mensen nooit meer normaal naar een wit overhemd kunnen kijken.’
Rözer: ‘Ik maakte een mini-opera over het leven van Diego Maradona. Daar zitten beelden in die iedereen wel kent, maar ook totaal onbekende fragmenten. Daarin zie je hoe die man genoot én leed onder al die aandacht. Maar’, onderbreekt hij zichzelf, ‘denk nou niet dat het alleen maar over voetbal gaat. Wielrennen, ijsdansen, boksen, schaatsen. Het zit er allemaal in.’
Zo komt Roelofs in de voorstelling met een ontroerend verhaal over de eerste schaatswedstrijd voor vrouwen uit het begin van de negentiende eeuw. ‘In dat schilderij komt alles samen. Het is wonderlijk en hoewel het lang geleden is, kun je toch ook weer een link leggen naar het vrouwenschaatsen in 2026.’
Rözer constateert dat ‘speelsheid’ in de huidige sportwereld onder druk staat. ‘Alles is bedacht, geanalyseerd en tegenwoordig spelen data ook een enorme rol. Nou, onze show is elke keer anders. Ik probeer de zaak een beetje overhoop te gooien. Zo is er een interactief deel waar mensen hun mooiste sport- of kunstfoto kunnen inzenden. Pieter en ik gaan naar aanleiding daarvan in gesprek met de zaal. Heerlijk vind ik dat, want je weet niet wat er gaat gebeuren. Net zoals je in elke sportwedstrijd niet zou moeten weten wie er gaat winnen.’
The Match – Het spel tussen kunst en sport van Marcel Rözer en Pieter Roelofs is tot en met 11 april in diverse theaters te zien. De speellijst vind je hier.