KIK Productions

voorstellingen

Het opvoedcircus

Interview

Het opvoedcircus © Valerie Granberg
tekst en spel: Stine Jensen en Frank Meester
regie: Natalie Heevel
met dank aan: Humanistisch verbond, HUMAN, Maartje Liebregts en Bert Janssens
theaterspecial 2019-2020

Twee filosofen over opvoeden

Hin del Jee
Met de theaterspecial Het opvoedcircus toeren filosofen Stine Jensen en Frank Meester in februari en maart langs de Nederlandse theaters. Ze vertellen over hun eigen opvoedperikelen, over wat filosofen door de eeuwen heen over opvoeden hebben gezegd en over de problemen van ouders van nu. Het grootste obstakel van de hedendaagse opvoerder is volgens de twee filosofen zijn of haar eigen onzekerheid. Ze bedachten er zelfs een term voor: het schippersyndroom. Jensen: ‘Ooit lagen de rollen vast. Vader zorgde voor het geld, moeder voor de kinderen. Ik ben blij dat die strakke verdeling verleden tijd is, maar het gaf wel rust.’ Meester vult aan: ‘Toen daar in de jaren 60 verandering in kwam, waren er eerst nog duidelijke voorschriften. Bijvoorbeeld het beroemde boek van Dokter Spock. In deze tijd is er niet een opvoedbijbel, maar zijn er eindeloos veel richtlijnen. Pedagogen, opvoedgoeroes, supernannies en zelfs talloze BN’ers geven opvoedtips in boeken, programma’s, rubrieken en workshops. Ouders zien door de bomen het bos niet meer. Dan lijd je al snel aan het schippersyndroom.’

Jensen en Meester zijn niet bang dat ze met deze voorstelling, waarin ook zij opvoedtips geven vanuit de filosofie, bijdragen aan die onzekerheid van de hedendaagse ouder. Jensen: ‘Filosofen geven geen adviezen als: “Wees altijd duidelijk” of “Jij bepaalt de regels”. Filosofen zijn zelf ook twijfelaars. Filosofie is weifelen. Door de bestaande opvattingen te betwijfelen, kom je tot nieuwe inzichten. Dat is de filosofische methode. Van de filosofen kunnen ouders daarom leren dat het schippersyndroom juist goed is. Als je dat beseft, blijf je nog wel aarzelen, maar kun je misschien de stress die daarbij komt kijken laten varen. Durf te schipperen!‘

Door Hin del Jee

Waarom zijn jullie deze voorstelling begonnen?
Meester: ‘Natuurlijk vooral vanuit onze eigen onzekerheid. Wij zijn zelf ook ouders van nu. Stine heeft een dochtertje van acht. Ze komt vaak bij haar moeder met de vraag of ze dit of dat mag hebben, met als argument dat kinderen uit haar klas het ook hebben. Wat moet je dan doen? Direct geven omdat ze anders een buitenstaander is, of juist niet? Ik heb twee zonen van begin twintig die nog steeds thuis wonen. Moet ik ze het huis uitgooien omdat ik een soort hotel voor ze ben, waardoor er geen enkele druk is voor hen om zelf iets te ondernemen of moet ik ze juist geborgenheid bieden zolang ze daar behoefte aan hebben? Twijfel, twijfel, twijfel.’
Stine: ‘En dat zien we dus ook bij de ouders om ons heen. Eén van de afleveringen van mijn televisieprogramma Dus ik ben ging over opvoeden en over het twijfelen dat daarbij komt kijken. Ik heb nog nooit zoveel reacties gekregen op een uitzending. Het leeft echt.’

Is twijfel niet van alle tijden?
Jensen: ‘Natuurlijk. Maar in deze tijd is er wel erg veel twijfel. Dat komt waarschijnlijk doordat tradities aan het verdwijnen zijn. Die zorgden voor houvast. Je doet het zo, omdat je het nu eenmaal zo doet. De rolverdeling tussen man en vrouw was één van die gewoonten. Nu willen we daar terecht vanaf. Als de rollen niet vastliggen, betekent dat wel dat je samen moet bespreken hoe je de taken verdeelt.’
Meester: ‘Er is nog een andere reden waarom er juist nu wordt geaarzeld. Vroeger was kinderen krijgen meer iets wat je overkwam. Omdat er nu mogelijkheden zijn om geen kinderen te krijgen, wordt het een keuze: wel of geen kinderen en wanneer dan? Als je zo bewust voor je kinderen hebt gekozen, dan wil je het wel goed doen als ze er eenmaal zijn. Veel ouders willen het daarom leuk hebben samen of hun kinderen moeten overal de beste in zijn. Die bewuste keuze legt een grotere druk op de opvoeding. Daardoor ga je je dus eerder afvragen of je het wel goed doet.’

Wat is jullie oplossing?
Jensen: ‘We brengen al die opvoeddilemma’s terug tot enkele basistegenstellingen, zoals die tussen luisteren naar kinderen en autoriteit. Je ziet dat de knelpunten waar ouders mee zitten vaak terug te brengen zijn op z’n basistegenstelling. We noemen dat de drie grote schipperdilemma’s. We laten zien wat voor oplossingen door de eeuwen heen zijn gegeven.’
Meester: ‘Ons belangrijkste advies is dus niet: je moet het zus of zo doen. Zulke tips vind je in al die opvoedboeken die tegenwoordig op de markt zijn. Bij opvoeden heb je te maken met mensen en die zijn altijd anders en onvoorspelbaar. Juist daarom is het goed om naar de filosofen te kijken. Filosoferen is alles bevragen. Filosofen twijfelen aan alles. Dat is hun methode. Door de bestaande dingen ter discussie te stellen kom je vaak tot verrassende nieuwe inzichten. Bijvoorbeeld dat het schippersyndroom vanuit het perspectief van de filosoof, die de twijfel opzoekt, helemaal geen probleem is, maar juist goed. Daarom zeggen wij ook: durf te schipperen! Het betekent dat je nadenkt over wat het beste is en dat je op weg bent naar een oplossing. Je hoeft daar dus helemaal niet gestrest van te worden, je bent juist goed bezig.’

Dus verwacht van filosofen geen concrete tips?
Meester: ‘Soms wel hoor. Aristoteles raadt aan om als man met een jongere vrouw te trouwen. Dat zou beter zijn voor het nageslacht.’
Jensen: ‘Vaak zijn juist die concrete tips niet meer helemaal van deze tijd!’
Meester: ‘Al zijn er ook wel die juist in deze tijd weer handig zijn. Zoals de methode van Socrates. Hij liep door de straten van Athene en stelde vragen aan de jeugd. Dat was zijn manier van opvoeden. Hij probeerde geen kennis over te dragen, maar wat de jongelingen zelf al wisten, naar boven te halen. Zijn methode is nog steeds handig. Bijvoorbeeld als je kind iets heeft gedaan wat echt niet mag en je niet goed weet wat de juiste straf is. Vraag het aan je dochter of zoon. Ze blijken meestal precies te weten welke straf ze verdienen. En doordat het hun eigen oplossing is, leven ze hem nog keurig na ook.'
Jensen: ‘Het kan ook een verademing zijn om nu Plato te lezen over opvoeden. Volgens hem is opvoeden niet leuk en opgevoed worden ook niet. Als ouder doe je gewoon je plicht en veel meer kun je nu eenmaal niet doen. Goed voor ouders van nu om af en toe aan te denken als ze het weer eens niet lukt om het “gewoon leuk te hebben samen”.
Ik ben zelf ook bijzonder gecharmeerd van de oosterse opvoedfilosofie. Binnen de traditie die gebaseerd is op de ideeën van Yogi Bhajan bestaat er een duidelijk idee tot welke leeftijd je als ouder invloed hebt op je kinderen. Tot het zevende levensjaar is volgens hem de rol van de ouders erg belangrijk. Zij kunnen de basisveiligheid, structuur en gewoonten aanreiken. Vanaf het zevende levensjaar keert de blik van het kind naar buiten en verruimt het bewustzijn zich. Vriendjes worden belangrijker. Vanaf elf zit de taak van de ouders er nog niet helemaal op, maar wordt de mogelijkheid tot beïnvloeden en bijsturen wel steeds minimaler. Een kind kan op deze leeftijd daarom veel baat hebben bij een mentor in zijn of haar leven. Iedere volwassene kan zelf ook deze rol van mentor voor een kind vervullen. Je bent vertrouwenspersoon, praat met een kind en stimuleer het kind.’

Jensen en Meester brengen een theaterspecial over opvoeden in de Nederlandse theaters. 
Stine Jensen en Frank Meester schreven ook De opvoeders. Wat filosofie de schipperende ouder kan leren. Uitgeverij Hollands Diep.